7 september 2017

Ben je te streng?

Bron: www.jmouders.nl

Heb jij je weleens afgevraagd of je misschien een-heel-klein-beetje te streng bent voor je kind? Of maak jij je soms zorgen dat jouw verwachtingen te hoog zijn? Lees dan hieronder de 10 signalen die aangeven dat je misschien te streng bent:

– Je hanteert een Zero Tolerance-beleid
Hoewel het natuurlijk hartstikke belangrijk is om duidelijke regels te hebben, is het ook belangrijk om te erkennen dat er uitzonderingen op regels kunnen zijn. Probeer het gedrag van jouw kind in de context van de omstandigheden te evalueren. Kan het bijvoorbeeld zijn dat je kind zich zo druk gedraagt omdat hij morgen jarig is? Door het gedrag in een context te plaatsen kun je soms beter dingen door de vingers zien.

– Jouw kind liegt wel heel veel
Het is normaal dat kinderen soms een klein beetje de waarheid verdraaien; een leugentje om bestwil moet kunnen. Maar uit onderzoek blijkt dat een hele strenge opvoeding ervoor kan zorgen dat kinderen in goede leugenaars veranderen. Als je te streng voor je kinderen bent, is de kans groot dat kinderen zullen liegen in een poging om hun straf te ontlopen.

– Je kind heeft meer regels dan andere kinderen
Er is niets mis met het hebben van andere regels dan de ouders om je heen. Maar, als je altijd de strengste ouders bent, kan het zijn dat je verwachtingen een beetje te hoog zijn.

– Je hebt weinig geduld voor gekkigheid
De meeste kinderen zijn dol op de meest domme en belachelijke grapjes en houden van gekke spelletjes. En terwijl die grappen misschien niet altijd leuk zijn (of zelfs een beetje irritant) en het onnozele gedrag je soms flink kan vermoeien, is het belangrijk om van het moment te genieten en soms gewoon domweg plezier te hebben.

– Je durft niet op ‘natuurlijke’ gevolgen te vertrouwen
Strenge ouders hebben vaak de neiging om er alles aan te doen om te voorkomen dat hun kind een fout maakt. Maar kinderen zijn vaak juist in staat om te leren van hun eigen fouten als ze door natuurlijke gevolgen worden geconfronteerd. Stel je kind heeft zijn zakgeld allemaal opgemaakt aan snoep. Omdat hij voor de rest niks meer kan uitgeven, is de kans groot dat hij leert van zijn eigen ‘fout’, en de volgende keer zuiniger met zijn geld om zal gaan.

– Je geeft continue instructies
Zeg jij voortdurend dingen als: “Ga rechtop zitten,” “Stop met het slepen van je voeten” en “Zit niet zo te slurpen”? Als je continue veel verschillende instructies gebruikt, is de kans groot dat je kind er steeds minder naar gaat luisteren. Probeer je instructies voor belangrijke dingen te bewaren, zodat er dan beter naar je geluisterd wordt.

– Je biedt geen opties
Strenge ouders zijn vaak geneigd om eenzijdige commando’s te geven. In plaats van de opdracht geven om bijvoorbeeld het bed op te maken, kan je ook vragen: “Wil je eerst je kleding in de wasmand gooien of ga je eerst je bed opmaken?”

– Je wilt graag dat dingen op jouw manier gaan
Strenge ouders houden ervan dat alles op hun manier gedaan wordt. Zij vinden het bijvoorbeeld erg belangrijk dat kinderen het bed op de ‘juiste’ manier opmaken, of dat hun kinderen op de ‘juiste’ manier met het poppenhuis spelen. Hoewel er momenten zijn waarop kinderen instructies van volwassenen nodig hebben, is het net zo belangrijk om ruimte te geven aan flexibiliteit en creativiteit.

– Je waardeert alleen de uitkomsten
Strenge ouders leggen meestal de focus op de uitkomsten van het werk van hun kind, in plaats van de inspanningen van het kind zelf. Als je kind alleen een opsteker krijgt voor een ‘zeer goed’ voor zijn toets, of voor het maken van de meeste doelpunten tijdens voetbal, kan je kind het gevoel krijgen dat jouw liefde afhankelijk is van goede prestaties.

– Je dreigt te vaak
Hoewel de meeste ouders zich natuurlijk weleens schuldig maken aan het dreigen naar hun kinderen, – je bent ook maar een mens – dreigen strenge ouders op een regelmatige basis. Ze zeggen vaak dingen als: “Ruim je kamer NU op of ik gooi al je speelgoed in de prullenbak!” Probeer deze dreigementen die je waarschijnlijk toch niet gaat nakomen te beperken. Daarnaast moet je in je achterhoofd houden dat je gebruik moet maken van consequenties om je kind op te voeden, en niet per se om je kind te straffen.