6 mei 2016

Pascal Cuijpers: Advies leerkracht objectiever dan Cito

Bron: Eindhovens Dagblad (www.ed.nl), 23 april 2016; opinie artikel over Cito-toets door Pascal Cuijpers (docent en onderwijspublicist).

Het zou zomaar kunnen dat de Cito-toets in de toekomst weer eerder in het schooljaar zal worden afgenomen. De ongelijkheid tussen kinderen van hoogopgeleide en laagopgeleide ouders zou hiermee kunnen worden opgevangen. Denkt men. Het is één van de verbazingwekkende conclusies naar aanleiding van het jaarlijkse onderwijsverslag (‘De staat van het onderwijs’) van de Onderwijsinspectie. Hoogopgeleide ouders zetten zich veel meer in voor de studie van hun kind dan ouders die een lagere opleiding hebben genoten. Ze weten immers beter hoe het onderwijssysteem in elkaar steekt, hebben zelf ruim ervaring en willen ook voor hun kind het beste. Iets wat geregeld zorgt voor conflicten.

Prestatiemaatschappij
Eén en ander is een kwalijk voortvloeisel van de druk die de prestatiemaatschappij, onder leiding van het kabinet, ons heeft opgelegd. Minder dan excellent is immers niet voldoende. De achter ons liggende jaren van crisis spelen hierbij ook een indirecte rol. Een simpel te verklaren beschermingsmechanisme speelt op bij ouders. Ze zoeken naar een overkoepelende vorm van veiligheid voor hun kind, waarbij zaken als baangarantie, sociale zekerheid en veiligheid meer dan ooit belangrijk zijn. Er wordt ingezet op een schijnzekerheid door kinderen vanaf de basisschool voor te bereiden op een toekomst die zoveel mogelijk garant staat voor succes. We zien dit gegeven ook terug in het voortgezet onderwijs, waar meer dan ooit profielen worden gekozen met daarin een prominente plek voor de exacte vakken. Er is immers een gebrek aan technici, waardoor baangarantie verzekerd lijkt.

Concurrentie
Dit alles vormt tezamen een gevaarlijke tendens. Ook de scholen zijn hier debet aan. Onder meer door met elkaar de concurrentie aan te gaan in de slag om hoge leerlingenaantallen en door vaak kunstmatig tot stand gekomen eindresultaten, die worden gepubliceerd in de media. Ook komen er steeds meer categorale scholen, die het doorstromen naar een hoger niveau moeilijker maken. Deze vormen van rendementsdenken in het onderwijs zorgen vaak voor een noodlottige strijd tussen ouders, leerkrachten en scholen met het kind als inzet.

Afrekenmoment
Het zou dan ook een hoogst kwalijke zaak zijn wanneer de minister en de staatssecretaris bezwijken onder de druk om de Cito-toets – en de twee andere gecertificeerde eindtoetsen – weer in februari af te nemen, zoals tot vorig jaar het geval was. Ten eerste met het oog op het weer urgenter worden van deze eindtoets(en), waardoor kinderen wederom meer druk zullen voelen voor dit ultieme afrekenmoment. Met als bijkomstigheid dat er weer wordt ingezet op het aanleren van trucjes om de eindtoets zo goed mogelijk te maken en dat commerciële Cito-trainers hun inkomen weer zien verdubbelen. En hoe je het ook wendt of keert: de ongelijkheid zal er niet minder door worden. Ouders met geld zullen niet besparen met het oog op een hoge eindscore. En wat is het lot van de minder vermogende ouders?

Samenvattend is het te hopen dat de schijnzekerheid van de Cito-toets als belangrijkste ijkpunt wordt opgeheven en de leerkracht zijn objectieve oordeel – mede aan de hand van het leerlingvolgsysteem – mag blijven geven met het oog op de vervolgopleiding van het kind. Hoogopgeleide ouders die dan nog twijfelen aan deze objectiviteit – en daarmee de leerkracht diskwalificeren – zijn helaas minder slim dan hun opleiding doet vermoeden.